Onvolkomenheden, vergissingen en onhandigheden van de gemeente. De ombudsman spreekt de betreffende dienstonderdelen aan om dit soort zaken op te lossen. Met als doel: het herstellen van de relatie tussen de burger en de gemeentelijke overheid. Dit werk van de Gemeentelijke Ombudsman is zichtbaar in samenvattingen van de uitgevoerde klachtenonderzoeken.
De samenvattingen zijn per jaar gerangschikt. Als u een jaar aanklikt, verschijnt een overzicht van de dienstonderdelen waarover klachten zijn ontvangen.
Kies een dienst:
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Bestuursdienst |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klacht met aanbeveling |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm privacy
Van de gemeente mag worden verwacht dat men zorgvuldig omgaat met de persoonlijke
gegevens van een burger die zich tot haar richt. Door zonder vooraankondiging persoonlijke
gegevens, zoals vermeld op een brief, die als bijlage bij een raadsvoorstel gaat, op internet te
plaatsen, handelt de gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereiste van bescherming van
de persoonlijke levenssfeer.
|
Omschrijving:
Openlijk voor je mening uitkomen
Klager maakt bezwaar tegen het raadsvoorstel: “Aanpak parkeren in woonbuurten”. Tot zijn
verrassing of liever verontwaardiging ontdekt hij na enige tijd dat zijn bezwaarschrift met naam en
toenaam op het internet te vinden is. Kan dat zo maar, vraagt hij de ombudsman.
Deze onderzoekt de klacht en trekt na onderzoek de volgende conclusies. Klager heeft een
bezwaarschrift ingediend tegen een algemeen voorstel. Zijn bezwaarschrift is dus juridisch
gesproken niet-ontvankelijk. De gemeente heeft zijn bezwaarschrift als ingediende zienswijze
opgevat, en die als bijlage bij het raadsvoorstel gevoegd. Dit raadsvoorstel is integraal op het
internet geplaatst. Dit had zo niet moeten gebeuren. Klager had tevoren op de hoogte moeten
worden gebracht van deze wijze van openbaren van zijn mening. Een bezwaarschrift moet worden
beschouwd als een individueel geschil met de gemeente: in dergelijke zaken moet de anonimiteit
zijn gewaarborgd. Een zienswijze, zoals klagers brief is beschouwd, daarentegen is een bijdrage
aan de publieke meningsvorming. Dan ligt openbaarheid van persoonsgegevens in de rede.
Als de gemeente daarbij gebruik maakt van publicatie op het internet, is het wel nodig een
brievenschrijver daarover tevoren in te lichten. Dat zou kunnen door een expliciete passage
wat dat betreft op de website en in de ontvangstbevestiging van de brief op te nemen. In die
zin adviseert zij de gemeente ook.
In het landelijke overleg ombudslieden is vastgesteld dat op dit terrein nog veel onduidelijkheid
heerst. Ook griffiers van gemeenten hebben vaak te maken met vraagstukken op het vlak van
privacy en openbaarheid van de politieke discussie. Daarom is er op dit moment overleg tussen
beide groepen om te bezien of tot een gezamenlijk standpunt kan worden gekomen over
aanbevelingen hoe in dit soort situaties om te gaan met de noodzakelijke bescherming van de
persoonlijke levenssfeer en de noodzakelijke openbaarheid van politieke discussies.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Bestuursdienst |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a. |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: actieve en adequate informatieverstrekking en adequate en organisatorische
voorzieningen
Van de gemeente mag worden verwacht, dat burgers regelmatig schriftelijk op de hoogte
worden gesteld van voor burgers in zijn algemeenheid relevante beleidsmatige ontwikkelingen en
van voor individuele burgers relevante (voorgenomen) beslissingen. Door een substantieel deel
van de burgers niet te verzekeren van een regelmatige bezorging van de schriftelijke informatie
(i.c. de Posthoorn en de stadskrant) handelt de gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereisten
actieve en adequate informatieverstrekking en adequate organisatorische voorzieningen.
|
Omschrijving:
De Posthoorn bezorgd? Bezorgd om De Posthoorn!
De Posthoorn is niet bezorgd. Ondanks herhaaldelijk bellen met de uitgever komt een
langdurige ononderbroken bezorging van De Posthoorn, waarin periodiek ook de Stadskrant in
is opgenomen, niet tot stand. Deze klaagster en gene klager schakelen de ombudsman in.
Via het vaste contact binnen de gemeente wordt de uitgever benaderd en wordt de bezorging
hervat. Zo gaat het met grote regelmaat. De ombudsman is maar half tevreden.
Er bereiken haar te vaak klachten op dit gebied. De gemeente stuurt op aanvraag van de
ombudsman de uitkomst van een onlangs gehouden enquête. Daaruit blijkt dat 73% van de
burgers aangeeft De Posthoorn elke week te ontvangen en dat 19% van de burgers aangeeft
het blad met enige regelmaat te krijgen. Bij elkaar opgeteld: 91% goede bezorging!?
Volgens het met De Posthoorn gesloten contract moet dit percentage minstens 90% zijn.
Geslaagd dus, die bezorging, zou je zeggen.
De ombudsman kan zich niet aan de indruk onttrekken, dat de enquêtegegevens een geflatteerd
beeld van de werkelijkheid geven. Zowel uit persoonlijke waarneming (op het kantooradres
wordt met grote onregelmaat De Posthoorn bezorgd), als uit talrijke contacten blijkt dat veel
mensen De Posthoorn meer niet dan wel ontvangen. Hoe die enquêtegegevens zo positief
kunnen uitpakken, blijft dan ook een raadsel. Het is een feit, dat alle gemeentelijke berichten
ook een plaats krijgen op de gemeentelijke website. Voor veel mensen is dat echter geen
vervanging van de krant. Ze hebben ook in dit ict-tijdperk behoefte aan een papieren versie.
Juist omdat de gemeente onder andere in individuele bezwaar- en beroepszaken zich mag
beroepen op publicatie in een blad als De Posthoorn, is het zaak dat de bezorging van een
dergelijk blad voor vrijwel 100% op orde is.
Bij de bespreking van het jaarverslag 2008 stellen enkele raadsleden het onderwerp ook aan
de orde. Zij tonen zich bezorgd, maar tot enige conclusie leidt het nog niet. Daarom zal de
ombudsman het een expliciet onderdeel laten zijn van de Signalen bij het jaarverslag 2009.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Bestuursdienst |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klacht met aanbeveling |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: voortvarendheid
Van de gemeente mag worden verwacht, dat men snel reageert op meldingen over vervuiling
van de openbare ruimte. Door herhaaldelijk niet te reageren en pas na geruime tijd de
vervuiling aan te pakken handelt de gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereiste van
voortvarendheid.
|
Omschrijving:
Tot algeheel (on)genoegen
Klager heeft in mei 2009 diverse meldingen gedaan bij het Gemeentelijk Contactcentrum.
Zo heeft hij laten weten dat er in zijn buurt glas op straat ligt, heeft hij verzocht om een
hondenpoepbak te plaatsen en is er een veegwagen die constant tegen de rijrichting in de
straat rijdt. Als daar geen reactie op komt, wendt hij zich tot de ombudsman met het verzoek
er iets aan te doen. De ergernissen nemen hierdoor eerder toe dan af.
De ombudsman neemt contact op met het stadsdeel. Het blijkt dat de meldingen wel zijn
binnengekomen, maar dat er niets mee is gebeurd. Een reden dat dit zo gelopen is, is er niet.
Men belooft de zaak te zullen oppakken, maar ook hierna blijft het stil terwijl de ombudsman om
terugkoppeling heeft gevraagd. Na een herhaald verzoek van de ombudsman blijkt dat de dienst
getracht heeft contact op te nemen met klager. Echter zonder succes. Op een mail van de dienst
wordt door klager niet gereageerd. De ombudsman geeft het telefoonnummer van klager door.
Dit leidt tot succes. Aan klager wordt beloofd om de bestuurder van de veegwagen aan te spreken
als hij het kenteken doorgeeft én er zal gevraagd worden extra aandacht te schenken aan het glas
dat rond de afvalbak wordt gegooid. Met betrekking tot de hondenpoepbak wordt aan klager
medegedeeld dat er geen budget is om er eentje bij te plaatsen. Ondanks deze laatste melding is
klager wel tevreden met de afhandeling die natuurlijk te lang op zich heeft laten wachten.
De dienst heeft het uiteindelijk netjes opgelost en het ongenoegen bij klager weggenomen.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Bestuursdienst |
| Product: | |
| Uitkomst: | Kenbaarheidsklacht |
Omschrijving:
Een stekkie in de volkstuin
Klaagster heeft van de dienst een voor haar zeer verontrustende brief ontvangen over het
tuinencomplex van de gemeente, waarzij al zestien jaar een tuintje huurt. In de brief staat dat
de dienst van plan is de tuinen over te dragen aan het betreffende stadsdeelkantoor,
waardoor de contracten zullen komen te veranderen. Klaagster maakt zich zorgen nu zij
voortaan elk jaar opnieuw een contract met de dienst moet afsluiten om de tuin te kunnen
behouden. Het wordt voor klaagster dus onzeker of zij het volgende jaar nog wel een tuintje
kan huren. Ook stelt zij dat er al een tijdje geen hek meer om het complex staat waardoor
onverlaten zich toegang verschaffen tot de tuintjes en vernielingen aanrichten. Van een
toezegging van de dienst om het hek snel weer terug te plaatsen is tot op dat moment nog
niet geheel sprake. Een deel is inmiddels weer geplaatst, maar van volledige afsluiting is nog
geen sprake. Klaagster vraagt de ombudsman of er iets te doen is aan de verdeling van de
tuintjes en zou graag zien dat het complex weer volledig omheind wordt.
De ombudsman vraagt de dienst om op de brief van klaagster te reageren. Van de dienst ontvangt
zij het bericht dat er inderdaad sprake zal zijn van een overdracht naar een andere afdeling en dat
de rechten met betrekking tot de tuintjes jaarlijks opnieuw zullen worden uitgegeven.
Een uitzondering wordt echter toegezegd. Er zijn vijf trouwe mensen op het complex,
waaronder klaagster, die door de wijze van onderhoud aan de tuin en het complex een
garantie van vijf jaar zullen krijgen. Met andere woorden kan gesteld worden dat zij vijf jaar
lang bij de jaarlijkse heruitgifte verzekerd zullen zijn van een tuintje. Het hek was inmiddels al
weer gerepareerd en de dienst zegt toe klaagster schriftelijk op de hoogte te stellen van de
toezegging bij de eerst volgende heruitgifte in januari 2010. Klaagster is zeer content met de
toezegging dat ze in ieder geval vijf jaar lang weer een vast stekkie heeft op ‘haar’ tuinencomplex.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Bestuursdienst |
| Product: | |
| Uitkomst: | Onbevoegde klacht |
Omschrijving:
Kink in de kabel
De vergunningaanvragen voor twee restaurants verlopen voor klager niet zonder problemen.
De aanvragen zijn door de gemeente voorgelegd aan het landelijk bureau BIBOB. Dit bureau
helpt onder meer gemeenten op wettelijke basis te voorkomen dat ze door middel van
vergunningverstrekking ongewild onoorbare of criminele activiteiten mogelijk maakt.
Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het witwassen van zwart geld. Nu de gemeente
klager heeft laten weten dat het bureau BIBOB de gemeente geadviseerd heeft de gevraagde
vergunningen niet te verstrekken, vermoedt klager boos opzet omdat hij in het verleden met
de gemeente behoorlijk in de clinch heeft gelegen. Dit vermoeden wordt versterkt omdat
klager de gemeente medewerking gevraagd heeft de hele gang van zaken te laten
onderzoeken door het onafhankelijke bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten (bureau
BING). De gemeente weigert dit. Onderzoek wijst uit dat het vastgesteld beleid is dat voor
vergunningaanvragen die te maken hebben met horeca of recreatie-inrichtingen vrijwel altijd
een aanvraagformulier moet worden ingevuld en dat die aanvragen bij onduidelijkheden
worden voorgelegd aan het landelijk bureau BIBOB. Tegen een eventuele afwijzing van de
gevraagde vergunning staat een bezwaar- of beroepsprocedure open. Hier ligt geen taak voor
de ombudsman. Dat klagers aanvraag is voorgelegd aan het landelijk bureau BIBOB is overigens
geen uitzondering. Ten aanzien van het bureau BING blijkt het te gaan om een bureau dat
diensten verleent aan voornamelijk overheidsorganen op het terrein van integriteitsvraagstukken.
Het bureau bemoeit zich in principe niet met conflict behandeling zoals klager die voor ogen
staat. Het bureau heeft geen wettelijke basis en geen onderzoeksbevoegdheid bij gemeenten
als die daaraan niet willen meewerken. Ook hier is geen taak voor de ombudsman weggelegd.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Bestuursdienst |
| Product: | |
| Uitkomst: | Ongegronde klacht |
Omschrijving:
Mini en maxi
Klager spant zich maximaal in om zijn zin te krijgen. Hij wil dat de gemeente niet optreedt
tegen de minicontainers die op de stoep staan.
De gemeente heeft juist aangekondigd de bestaande regels te gaan handhaven. De stoep is
geen plek voor een container. De meeste buurtbewoners zijn blij, maar klager niet. Hij voelt
zich overvallen en schrijft de gemeente. Op zijn brief komt niet onmiddellijk een schriftelijk
antwoord. Naar de ombudsman later blijkt, is er wel snel een buurtoverleg bijeen geroepen.
De handhavingacties worden opgeschort. Tijdens het buurtoverleg blijkt dat de meeste bewoners de actie toejuichen. Klager schrijft de ombudsman een brief. Hij maakt daarin geen
melding van het opschorten van de actie noch van het buurtoverleg.
Als de ombudsman een en ander uitzoekt blijkt al snel dat het schriftelijke antwoord in de
pijplijn zit. Een antwoord waarvan klager de inhoud wel kan vermoeden. De ombudsman
schrijft klager in een kort briefje dat de gang van zaken naar behoren is verlopen.
|
|
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 Volgende