Afgehandelde klachten

Onvolkomenheden, vergissingen en onhandigheden van de gemeente. De ombudsman spreekt de betreffende dienstonderdelen aan om dit soort zaken op te lossen. Met als doel: het herstellen van de relatie tussen de burger en de gemeentelijke overheid. Dit werk van de Gemeentelijke Ombudsman is zichtbaar in samenvattingen van de uitgevoerde klachtenonderzoeken.

De samenvattingen zijn per jaar gerangschikt. Als u een jaar aanklikt, verschijnt een overzicht van de dienstonderdelen waarover klachten zijn ontvangen.

Kies een dienst:

Kies een jaar:


Datum:31-12-2009
Dienst:Dienst Burgerzaken
Product:
Uitkomst:Informatie verstrekt
Omschrijving:

Hoe Nederlands moet je zijn?

Klager heeft twee nationaliteiten waartoe ook de Nederlandse behoort. Althans dat beweert hij. Hij wil zijn Nederlands paspoort verlengen. Dan rijst echter bij de dienst Burgerzaken de vraag of hij nog wel Nederlander is. Hij is er niet geboren, hij heeft er nooit gewoond en hij spreekt de taal niet. Klager zegt: ik heb een geboorteakte waarop mijn Nederlandse nationaliteit staat vermeld en een Nederlands paspoort. Hij wenst onmiddellijk een nieuw paspoort. De ombudsman gaat een en ander na en kan hem dan de volgende procedure uitleggen. Als iemand zeer lang niet in Nederland is geweest, moet men zelf bewijzen dat de Nederlandse nationaliteit niet verloren is gegaan. Een geboorteakte en een paspoort zeggen op zichzelf niet voldoende: in de tussentijd kan men de Nederlandse nationaliteit verloren hebben. Er moet dus een onderzoek worden ingesteld en dat kost tijd. Klager verwijst naar mededelingen van het Nederland consulaat. Dat maakt echter geen indruk op de medewerkers van de dienst. Ambassadepersoneel is minder deskundig dan de eigen medewerkers en kán onvolledige informatie verschaffen. Kortom: klager moet zelf recente documenten overleggen waaruit blijkt dat hij de Nederlandse nationaliteit nog steeds bezit, en dan wachten op de uitkomst van het onderzoek. Zijn haast laat zich overigens moeilijk verklaren. Hij beschikt ook over een Australisch paspoort en daarmee kan hij ook in Duitsland – het land waarheen hij met spoed wil vertrekken – goed terecht.

Datum:31-12-2009
Dienst:Dienst Burgerzaken
Product:
Uitkomst:Ongegronde klacht z.s.a.
Behoorlijkheidsnorm:Behoorlijkheidsnorm: actieve en adequate informatieverstrekking Van de gemeente mag worden verwacht dat men burgers goed informeert over de vereisten voor het inschrijven in de gemeente van een meerderjarig kind. Door noch op de website, noch aan de balie noch in een brief helder uiteen te zetten aan welke vereisten moet worden voldaan, handelt de gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereiste van actieve en adequate informatieverstrekking.
Omschrijving:

We gaan toch samenwonen

Klager heeft goed op de website van de gemeente gekeken. Zijn (meerderjarige) zoon komt weer thuis wonen. Hij mag hem dan zonder diens machtiging inschrijven bij de gemeente. Als hij aan de balie komt, wordt naar een machtiging van de zoon gevraagd. Er ontstaat discussie en na enige tijd verlaat klager boos het stadsdeelkantoor. Hij beklaagt zich bij de gemeente over de handelwijze van de ambtenaar en zegt dat hij volgens de regels geen machtiging nodig heeft. De betrokken wethouder maakt excuses voor de gang van zaken en zegt dat de website wellicht niet volledig is geweest. Hij stuurt relevante wetsartikelen mee, die duidelijk zouden moeten maken dat wel degelijk een machtiging nodig is. Klager is niet tevreden met het antwoord en schakelt de ombudsman in. Naar zijn mening geeft de gemeente een verkeerde interpretatie van de regels. De ombudsman gaat een en ander na. Na enig navragen bij goed ingevoerde ambtenaren blijkt, dat de gemeente wel de juiste interpretatie heeft gehanteerd, maar verzuimd heeft deze wat uitgebreider toe te lichten. Uit de wetsgeschiedenis blijkt namelijk, dat de wetgever heeft beoogd te regelen, dat als een meerderjarig kind meeverhuist met zijn ouders naar een nieuw gemeenschappelijk adres, een machtiging achterwege kan blijven. Een alleen wonende meerderjarige zoon die komt inwonen, valt dus niet onder de uitzondering dat een machtiging achterwege kan blijven. Als de ombudsman even later de website er nog eens op nakijkt, blijkt de dienst van de klacht te hebben geleerd. De uitgebreide tekst staat nu wel op de website. Zijn klacht was gegrond: betere informatie op de website of een wat uitgebreidere toelichting aan de balie of een wat uitgebreidere toelichting in de brief van de wethouder had zijn klacht kunnen voorkomen.

Datum:31-12-2009
Dienst:Dienst Burgerzaken
Product:
Uitkomst:Onbevoegde klacht
Omschrijving:

Vereisten partnerschapregistratie

Tegen klaagsters wil is haar vader een geregistreerd partnerschap aangegaan. Daarbij zou gebruik gemaakt zijn van een kopie van vaders legitimatiebewijs. Dit is volgens de website van de gemeente niet toegestaan. Vooropgesteld moet worden dat ambtenaren van de burgerlijke stand bestuursorganen zijn die alleen aan de rechter verantwoording afleggen. De ombudsman is dan ook onbevoegd klachten over hen te behandelen. Echter, gelet op de vasthoudendheid van klaagster en haar familie de betrokken dienst en portefeuillehouder over de gang van zaken aan te schrijven heeft de ombudsman gemeend in dit geval haar bevindingen aan klaagster toch te moeten meedelen. Deze komen hier op neer. De bescheiden die nodig zijn voor het aangaan van een geregistreerd partnerschap worden uitputtend opgesomd in artikel 1:44 van het Burgerlijk wetboek. Daar komt geen legitimatiebewijs in voor. Het al dan niet voerleggen van een origineel of een kopie van een legitimatiebewijs is daarmee geen wettelijke voorwaarden voor de ambtenaar van de burgerlijke stand voor het al dan niet rechtsgeldig registeren van een partnerschap. Dat de gemeentelijke website in meer algemene zin vermeldt, dat met een kopie van een legitimatiebewijs geen genoegen wordt genomen, is op zichzelf dan ook onjuist maar niet misleidend in die zin dat klaagster daarmee de mogelijkheid zou zijn ontnomen zich tegen de registratie van het partnerschap te verzetten. Dit nog daargelaten dat op de gemeentelijke website de disclaimer aanwezig is, die uitsluit dat aan gegeven informatie rechten ontleend kunnen worden. Wel heeft de ombudsman de dienst in overweging gegeven de disclaimer een wat prominentere plaats op het gemeentelijke internet te geven.

Datum:31-12-2009
Dienst:Dienst Burgerzaken
Product:
Uitkomst:Ongegronde klacht
Omschrijving:

Een beetje van jezelf en een beetje van de gemeente

Klager schrijft een brief met een klacht over de dienst Burgerzaken. De dienst is in gebreke gebleven: hij en zijn vrouw wisten niet dat zij zelf een huwelijksakte moesten overleggen om als “gehuwd” in de gemeentelijke registers te worden ingeschreven. Als ongehuwde kwam zijn vrouw niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning. En daarmee ook niet voor een burgerservicenummer en daarmee ook niet voor een ziektekostenverzekering. Toen zij uiteindelijk beseften dat zij zelf aan zet waren, werd hun onverzekerde baby te vroeg geboren. Schuld van de gemeente, vonden ze. De gemeente had het eerder moeten vertellen; bovendien de papieren waren allemaal ingeleverd bij de IND, en de IND is toch ook overheid. De ombudsman zoekt het uit en dan blijkt dat klager iets te veel van de gemeente en iets te weinig van zichzelf verwacht. Bij de inschrijving van zijn echtgenote beschikte klager niet over een huwelijksakte: een vereiste om als zodanig te worden ingeschreven. De echtgenote werd dus als ongehuwd geregistreerd. De ambtenaar vertelt dan meestal ook, welke papieren de burger moet overleggen als deze een wijziging wil. Er valt niet meer te achterhalen of dat is gebeurd of niet. Na enkele dagen heeft de echtgenote wel bericht gekregen van de inschrijving: zij staat vermeld als ongehuwd. Uit deze brief hadden klager en zijn vrouw nooit kunnen afleiden dat een wijziging als vanzelf zou gaan: er staat niet dat de dienst achter de ontbrekende papieren aangaat. Pas twee en een halve maand later wordt de vereiste huwelijksakte ingeleverd, tegelijk met de aangifte van de geboorte van het kind. Pas dan kan de gemeente de gegevens wijzigen. De ombudsman vindt het inderdaad op de weg van klager liggen de juiste papieren te overhandigen. Bij onzekerheid had hij of zijn vrouw zeker na ontvangst van de brief met de wel ingeschreven gegevens, moeten verifiëren of hijzelf of de gemeente aan zet was.

Datum:31-12-2009
Dienst:Dienst Burgerzaken
Product:
Uitkomst:Ongegronde klacht z.s.a.
Omschrijving:

Jammer maar te laat

Nadat klager wegens enorme drukte bij het immigratiekantoor twee maanden had moeten wachten op zijn afspraak met een ambtenaar, verscheen hij naar eigen zeggen tien minuten te laat. Hij werd niet meer te woord gestaan en er werd een nieuwe afspraak gepland voor over weer twee maanden. Uit navraag bleek dat het immigratiekantoor er als gevolg van de grote werkdruk een strak tijdschema op na houdt voor wat betreft de afspraken met bezoekers. De betrokken ambtenaar verklaarde dat klager wel wat meer dan tien minuten te laat op de afspraak was verschenen en zij al lang met de volgende cliënt in gesprek was. Er was inderdaad een nieuwe afspraak voor over twee maanden gemaakt, maar daarbij was uitdrukkelijk gezegd dat wanneer dit problemen zou gaan opleveren hij dit direct moest melden. Al met al een begrijpelijke gang van zaken.

Datum:31-12-2009
Dienst:Dienst Burgerzaken
Product:
Uitkomst:Ongegronde klacht z.s.a.
Omschrijving:

Alles of niets

Een uit het buitenland geadopteerd kind is al maanden in Nederland en nog steeds zou de DBZ weigeren het kind in te schrijven. De gevolgen zijn bijzonder ernstig omdat het zonder burgerservicenummer geen recht heeft op bijvoorbeeld scholing, kinderbijslag en niet in een ziektekostenverzekering opgenomen kan worden. Ten einde raad wendt men zich tot de ombudsman. De ouders, gesteund door de Nederlandse Adoptie Stichting, menen aan alle vereisten zoals omschreven in het ook door Nederland geratificeerde Haags adoptieverdrag te voldoen. In het bijzonder is er een zogenaamd “Certificate of Conformity” en daarmee zouden de door de DBZ opgeworpen juridische haken en ogen afgedekt zijn. De dienst daarentegen beaamt weliswaar dat het genoemde certificaat aanwezig is, maar dat daarin gesproken wordt over een adoptieakte en die wil men zien. De akte zou onder meer duidelijkheid kunnen verschaffen over de schrijfwijze van de naam van het kind, de precieze datum van adoptie en nog wat zaken waar onduidelijkheid over bestaat. Het wachten is op nadere informatie van het consulaat in het land van herkomst. In afwachting daarvan blijkt de DBZ de ouders erop gewezen te hebben dat het intussen mogelijk is het kind voorlopig in te schrijven zodat het gewoon naar school kan, verzekerd kan worden, etc. De ouders weigerden dit, omdat men meende, daarin gesteund door de Adoptie Stichting, dat aan alle vereisten was voldaan. De ombudsman kwam na zorgvuldige besturing van de casus tot de conclusie dat de DBZ juridisch gezien het gelijk aan haar kant had en adviseerde de ouders in het belang van het kind akkoord te gaan met een voorlopige inschrijving. Zo geschiedde.

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 Volgende