Onvolkomenheden, vergissingen en onhandigheden van de gemeente. De ombudsman spreekt de betreffende dienstonderdelen aan om dit soort zaken op te lossen. Met als doel: het herstellen van de relatie tussen de burger en de gemeentelijke overheid. Dit werk van de Gemeentelijke Ombudsman is zichtbaar in samenvattingen van de uitgevoerde klachtenonderzoeken.
De samenvattingen zijn per jaar gerangschikt. Als u een jaar aanklikt, verschijnt een overzicht van de dienstonderdelen waarover klachten zijn ontvangen.
Kies een dienst:
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: administratieve nauwkeurigheid, voortvarendheid
Van de gemeente mag worden verwacht, dat men burgers correct informeert over eventueel
benodigde vergunningen. Door in correspondentie met de burger telkens informatie te verschaffen
handelt de gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereiste van administratieve nauwkeurigheid.
|
Omschrijving:
Spraakverwarring
Een stichting die zich bezig houdt met studentenhuisvesting heeft al meer dan een jaar geleden
een onttrekkingsvergunning aangevraagd bij de DSO om een aantal zelfstandige driekamer
woningen waar doorgaans twee personen wonen, te laten bewonen door een onzelfstandige
groep van drie bewoners. De dienst spreek in de ontvangstbevestiging echter van een
woningomzetting die in strijd is met het bestemmingsplan en daarom is (dure) bouw ergunning
v
nodig. In afwachting van de aan te vragen bouwvergunning wordt de gevraagde vergunning
voor woningomzetting aangehouden. Intussen is de stichting ten onrechte tot de slotsom
gekomen dat op grond van het geldende bestemmingsplan volstaan kan worden met een
vrijstelling “met betrekking tot ander gebruik” (is kamergewijze verhuur). De dienst reageert
niet op de gevraagde vrijstelling, maar wel ontvangt de stichting een factuur voor de
legeskosten voor de aangevraagde omzettingsvergunning(!) Op een ingediend bezwaarschrift
wordt niet gereageerd en uit angst voor oplopende kosten betaalt de stichting tenslotte de
leges. De verwarring lijkt compleet. Er blijken allerlei stukken niet in het dossier te zitten.
Een ambtenaar van de DSO duikt in het dossier en het blijkt dat inderdaad volstaan kan worden
met een eenvoudige onttrekkingsvergunning. Excuses worden gemaakt voor de gang van zaken
en beloofd wordt dat eventueel teveel betaalde leges aan de stichting terug betaald zal worden.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: actieve en adequate informatieverstrekking
Van de gemeente mag worden verwacht, dat men burgers afdoende informeert als deze
vragen stellen over de totstandkoming van een onderdeel van het gemeentelijk beleid.
Door onvolledig of niet tegemoet te komen aan de vraag naar informatie zonder aan te geven
waarom aan de vraag niet tegemoet kan worden gekomen handelt de gemeente in strijd met
het behoorlijkheidsvereiste van actieve en adequate informativerstrekking.
|
Omschrijving:
Belofte maakt schuld
Klager schrijft de ombudsman dat hij ondanks herhaald verzoek geen reactie krijgt op zijn
vraag over achtergrondinformatie die de gemeente heeft gebruikt bij het bepalen van het
parkeerbeleid in zijn buurt. Het kost enig speurwerk. Er blijkt een projectorganisatie bezig te
zijn geweest met de voorbereidingen. Bij de beëindiging van het project is de organisatie
opgeheven: niemand heeft zich verantwoordelijk gevoeld voor nadien binnengekomen vragen
die het project betroffen. Bovendien ging men er aanvankelijk van uit, dat de brief van klager
– een van de vele brieven met betrekking tot de parkeervoorstellen – feitelijk al waren beantwoord
bij de behandeling van het betreffende raadsvoorstel. Uiteindelijk is een ambtenaar bereid de
vragen alsnog te beantwoorden. En dan begint een kleine lijdensweg van beloften en uitstel van nakoming, al dan niet aangekondigd. Uiteindelijk krijgt klager een antwoord maar hij wil
meer details. De ambtenaar belooft deze alsnog te geven, hoewel zij later aan de ombudsman
moet toegeven, dat zij daar zelf nauwelijks over beschikt en het ook een mate van uitzoekwerk
vergt die nauwelijks in relatie staat tot het belang van klager. De ombudsman houdt de
ambtenaar aan de belofte. Wel raadt zij de ambtenaar aan voortaan in een eerder stadium aan
burgers te melden, dat meer zinvolle informatie niet beschikbaar is en dat de correspondentie
als beëindigd wordt beschouwd.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: rechtszekerheid
Van de gemeente mag worden verwacht, dat zij naar buiten toe optreedt als één geheel.
Door als private partij niet te handelen conform de gestelde eisen als publieke partij handelt de
gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereiste van rechtszekerheid.
|
Omschrijving:
De slang en z’n eigen staart
Een VVE was door de DSO aangeschreven om op grond van de Woningwet en het Bouwbesluit
het achterstallig onderhoud van een pand op te heffen. Toen de gemeente constateerde dat
de VVE onherroepelijk in gebreken was gebleven, werden de verbeurde dwangsommen door
de DSO ingevorderd. Dit vond klager, één van de leden van de VVE, niet terecht. De VVE had
niet op tijd aan de verplichtingen kunnen voldoen omdat een ander lid van de VVE de eenmalige
eigen bijdrage niet op tijd betaald had. En dat andere lid was.....de DSO. De VVE ondervond bij
deze dienst geen begrip voor de constatering dat het toch eigenlijk niet kon dat de DSO zowel
de (mede) veroorzaker als de invorderaar was van de dwangsommen. Toen ook de ombudsman
de dienst op het kromme van de situatie wees, werd van verdere invordering afgezien en de
reeds ingevorderde bedragen teruggestort.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: administratieve nauwkeurigheid
Van de gemeente mag worden verwacht dat men met precisie omschrijft welke bouwkundige
gebreken na aanschrijving verholpen dienen te zijn. Door geen exacte omschrijving te geven
van wat hersteld moet worden, handelt de gemeente in strijd met het behoorlijkheidsvereiste
van administratieve nauwkeurigheid.
|
Omschrijving:
Houtrot en andere gebreken
Klaagster verschijnt zeer verontwaardigd op het spreekuur. Zij heeft als lid van de Vereniging
van Eigenaren (VvE) een aanschrijving gekregen omdat het pand er van buitenaf niet netjes
onderhouden uitzag. Een verfbeurt was hard nodig. De VvE heeft daarom het pand laten
schilderen. Toch heeft de gemeente geschreven dat de dwangsom zou worden geïnd.
Op bepaalde plekken was geen nieuwe verf zichtbaar. Dan pas blijkt dat houtrot (niet van
binnenuit zichtbaar) elke verfbeurt nutteloos maakt. Er moeten nieuwe kozijnen in.
Klaagster vindt echter dat de VvE aan de aanschrijving heeft voldaan. Het houtrot is pas in
tweede instantie opgemerkt. Zij heeft contact gezocht met de gemeente maar men reageert
niet correct: haar opmerkingen én goede wil worden genegeerd. Zij heeft intussen wel stappen
ondernomen om een offerte te krijgen voor het vernieuwen van de raamkozijnen, maar daar is
tijd (en geld sparen!) mee heen gegaan. De invordering dreigt nu.Daarnaast heeft ze een eigen aanschrijving gekregen omdat haar balkon lekt. Ook aan die
aanschrijving heeft ze naar eigen zeggen voldaan, maar ook in dit geval heeft de gemeente de
dwangsom geïnd. Onvoldoende gerepareerd. Ze besluit de ombudsman in te schakelen.
Deze vraagt de betrokken ambtenaren samen met klaagster en haarzelf om tafel te gaan zitten
om alles eens op een rij te zetten. Het staat vast dat klaagster haar pand heeft laten verven.
Ze beschouwde daarmee – niet onbegrijpelijk – de aanschrijving als afgedaan. Op het moment
dat de inspecteur op controle kwam, was er echter op een beperkte deel geen verf te zien.
Hij constateerde dus – ook niet onterecht – dat aan de aanschrijving niet geheel was voldaan.
Maar opnieuw schilderen had geen effect ten gevolge van het houtrot. De aanschrijving
spreekt echter niet van repareren van houtrot. De inspecteur had die houtrot zelf ook pas
kunnen constateren toen de nieuwe verflaag was afgebrokkeld. Miscommunicatie en gebrek
aan nauwkeurig omschrijven wat precies het eindresultaat moest zijn, maakte dat klaagster
meende alles te hebben gedaan en de inspecteur volhield dat er onvoldoende was gebeurd.
Klaagster kon overigens tijdens het gesprek een ondertekende offerte voor de reparatie van de
kozijnen laten zien, en meldde dat er afspraken waren gemaakt met de betrokken aannemer.
Dat gaf vertrouwen dat ook de kozijnen zouden worden vervangen. Daarmee was uiteindelijk
aan de bedoeling van de gemeente voldaan. En werd de invordering van de dwangsom
gestaakt.
Voor wat betreft het balkon: ook daar was zeker, dat de bovenkant was gerepareerd.
De aanschrijving vermeldde niet dat ook de onderkant van het balkon moest worden hersteld.
En daar ging het de inspecteur eveneens om. Toen dit partijen duidelijk werd, gaf de
gemeente aan dat de dwangsom zou worden ingetrokken en klaagster het al betaalde bedrag
zou terugkrijgen. Handhaven is heel belangrijk. Het heeft soms wel grote financiële gevolgen
voor burgers. Des te belangrijker is het om zo nauwkeurig mogelijk aan te geven wat de
gemeente aan resultaten verwacht om problemen te vermijden, zeker als het goedwillende
burgers betreft.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Onbevoegde klachten met aanbeveling |
Omschrijving:
Dakopbouw: nadeel voor de een, voordeel voor de ander
Terugkomen van je zomervakantie en ineens de achterburen bijna midden in je achtertuin
hebben; vanuit hun nieuwe dakopbouw kijken ze rechtstreeks de tuin in. Dat overkwam zo
ongeveer klager. Hij heeft achteraf in De Posthoorn kunnen lezen dat zijn buurman de
gevraagde vergunning had gekregen. Vooruitlopend op een wijziging van het bestemmingsplan
hebben zijn achterburen niet alleen toestemming gekregen voor een dakopbouw. Ook de
vorm en omvang van de opbouw zijn telkens in afwijking van het ontwerp- en concept
bestemmingsplan alsnog goedgekeurd (overigens juridisch op geheel correcte wijze).
Klager heeft het gevoel, dat zijn belangen zijn veronachtzaamd. Het lijkt erop, dat het
definitieve bestemmingsplan is aangepast aan de wensen van één burger die brutaal genoeg is
in afwijking van de geldende regels te bouwen en daarvoor achteraf wordt beloond.
Bovendien voelt klager zich verder benadeeld, omdat de gemeente de verkeerde bezwaar
procedure heeft gevolgd. Na maanden is men er achter gekomen dat de bezwaarschriftenprocedure
niet aangewezen was. Zijn bezwaar is doorgestuurd naar de rechtbank, omdat, nu vooruitlopend
op een nieuw bestemmingsplan, een vergunning is verleend, niet het college maar de rechter
het bevoegde orgaan is het bezwaar te beoordelen. Klager overweegt zijn beroep bij de
rechtbank niet door te zetten: het zal de onderlinge verhoudingen in de buurt bepaald niet
prettig maken als hij bij de rechter zou aandringen op afbreken van de dakopbouw. Hij ziet de
kans zijn gelijk te halen, als uiterst miniem nu het bestemmingsplan intussen is aangepast en
dakopbouw in de vorm en omvang die zijn achterburen hebben gekozen, toegestaan is.
De ombudsman is om twee redenen niet bevoegd te oordelen. De inhoud van een
bestemmingsplan is een politieke aangelegenheid, waar zij buiten staat. Nu de rechter de zaak
zou kunnen beoordelen, is zij ook om die reden niet bevoegd te oordelen. De gemeente heeft
overigens- terecht- excuses aangeboden voor de foutieve informatie rond de te volgen
bezwaarschriftenprocedure.
De ombudsman zegt klager wel toe bij de gemeente aandacht te vragen voor zijn negatieve
beleving bij de gang van zaken.
De betrokken ambtenaar geeft aan dat het gemeentelijke beleid om belanghebbenden te
informeren over bouwvergunningsaanvragen zeer restrictief is. Alleen directe buren worden
geïnformeerd. Zij vraagt daarom het college dit restrictieve beleid te herijken. Verruiming van
de kring van belanghebbenden die één op één wordt geïnformeerd ligt meer in de rede.
Overigens kan de beschuldigende vinger in dit geval niet alleen naar de gemeente worden
geheven: de achterbuurman die zonder zijn buren te informeren aan het bouwen slaat,
heeft wellicht ook wel erg veel oog voor zijn eigen belang.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Onbevoegde klacht |
Omschrijving:
Illegale kamerbewoning
Bij controle van een aan klager in eigendom toebehorende woning bleek dat de daar
aanwezige bewoners geen duurzaam gemeenschappelijk huishouden voerden. Om aan deze
illegale kamerbewoning een eind te maken volgde uiteindelijk een definitief dwangsombesluit.
Dat had aanvankelijk resultaat maar bij een hercontrole bleek toch weer sprake van illegale
bewoning. Klager beweerde nu echter dat medewerkers van het Gemeentelijk Contact
Centrum (GCC) hem desgevraagd verteld zouden hebben dat onder omstandigheden het
toegestaan zou zijn dat men met meerdere mensen op een adres woonde zonder dat er sprake
was van een gemeenschappelijke huishouding. Vandaar. Die vlieger gaat natuurlijk niet op.
Nog afgezien van het feit, dat het onaannemelijk is dat iemand van het GCC gedetailleerde
informatie gaat verstrekken en niet doorverbindt met de vakafdeling, blijkt klager gelet op de
hele gang van zaken binnenkort een dwangbevel tegemoet te kunnen zien. Tot zes weken na
ontvangst van dit bevel kan klager tegen dit bevel in verzet komen. De ombudsman ziet in dit
geval geen aanleiding zich verder met de zaak bezig te houden.
|
|
Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 Volgende