Onvolkomenheden, vergissingen en onhandigheden van de gemeente. De ombudsman spreekt de betreffende dienstonderdelen aan om dit soort zaken op te lossen. Met als doel: het herstellen van de relatie tussen de burger en de gemeentelijke overheid. Dit werk van de Gemeentelijke Ombudsman is zichtbaar in samenvattingen van de uitgevoerde klachtenonderzoeken.
De samenvattingen zijn per jaar gerangschikt. Als u een jaar aanklikt, verschijnt een overzicht van de dienstonderdelen waarover klachten zijn ontvangen.
Kies een dienst:
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stadsbeheer |
| Product: | |
| Uitkomst: | Ongegronde klachten |
Omschrijving:
Schone handen
Klager komt op het spreekuur met een rekening voor verkeerd aangeboden huisvuil.
Zij bekent, dat haar man de zak op een verkeerd moment buiten heeft gezet. Medicijngebruik
zou maken dat hij niet altijd helder van geest is: hij heeft haar inziens dus niet verwijtbaar
gehandeld. Zij zegt brieven te hebben geschreven, waarop nooit antwoord is gekomen. Als de
ombudsman navraag doet, blijkt de gemeente wel degelijk correct te hebben gehandeld. De eerste brief is niet bekend, en de tweede brief is snel beantwoord. De uitkomst van het
pleidooi hem zijn vergeetachtigheid te vergeven is negatief. Hij woont niet alleen;
zijn huisgenoten hadden de zak wel op het juiste tijdstip buiten kunnen zetten.
De ombudsman kan zich in het antwoord van de gemeente vinden en verklaart de
klacht ongegrond.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stadsbeheer |
| Product: | |
| Uitkomst: | Ongegronde klachten z.s.a. |
Omschrijving:
Door het lint
Klager was met zijn fiets onderweg naar zijn werk. Na enige tijd kwam hij aan bij werkzaamheden
aan de weg. Omdat geparkeerde auto’s de rijbaan versperden was er voor klager geen andere
mogelijkheid dan met zijn fiets onder een afzetlint door te gaan om zo zijn weg te kunnen
vervolgen. Een stratenmaker die ter plaatse aan het werk was zag dit en kwam al schreeuwend
en scheldend achter klager aan, gaf zijn een fiets een trap, waardoor klager ten val kwam en
gewond raakte. Na te zijn opgestaan vluchtte klager snel weg met zijn beschadigde fiets.
De stratenmaker kwam naar zijn zeggen nog steeds tierend achter hem aan. Onder de indruk
van het gebeurde doet klager aangifte bij de politie. Hij verzoekt de gemeente disciplinaire
maatregelen te nemen tegen de bewuste stratenmaker. Het antwoord dat hij krijgt bevalt hem
niet en hij beklaagt zich bij de ombudsman.
De ombudsman pakt de zaak op. Aan klager was door de gemeente medegedeeld dat de
bewuste stratenmaker niet in dienst was bij de gemeente, maar werkte voor een door de
gemeente ingehuurd bedrijf. De dienst Stadsbeheer maakt vaker gebruik van bedrijven om
bestratingwerkzaamheden te laten uitvoeren, maar dat betekent niet dat deze stratenmakers
daarmee onder de gemeente vallen. Van de werkgever van de stratenmaker had de gemeente
vernomen dat de bewuste stratenmaker inmiddels een berisping had gehad. Te weinig naar
de mening van klager. Op verzoek van de ombudsman kijkt het Bureau Gemeentelijk
Risicomanagement ook naar de zaak voor wat betreft de verwondingen en de schade die
klager opliep bij het gebeurde. Na enig onderzoek wordt aangegeven, dat de eerder gedane
mededeling door de gemeente correct is geweest. De gemeente treft geen blaam, is niet
aansprakelijk voor en kan geen actie ondernemen tegen personeel van een ingehuurde derde.
Wel is men bij het BGR van de Facilitaire dienst van mening dat een financiële tegemoetkoming,
zonder erkenning van schuld en/of aansprakelijkheid op zijn plaats zou zijn. Klager wordt
hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld. De ombudsman concludeert dat de gemeente
inderdaad niet verantwoordelijk is voor ingehuurd personeel dat toebehoort aan de opdrachtnemer.
Klagers verzoek om de stratenmaker door de gemeente te laten ontslaan is niet haalbaar en
zijn klacht hierover dan ook ongegrond. De aan klager geboden financiële tegemoetkoming
kan de ombudsman, als pleister op de wonde, waarderen.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stadsbeheer |
| Product: | |
| Uitkomst: | Ongegronde klachten z.s.a. |
Omschrijving:
Ondergronds probleem
Klager heeft een gehandicaptenparkeerplaats aangevraagd, maar deze is afgewezen vanwege
het feit dat hij onder de flat waar hij woont een parkeergarage aanwezig is. De mogelijkheid
om een parkeerplaats op eigen terrein in een eigen garage te huren is de reden van de afwijzing.
Klager komt bij de ombudsman op het spreekuur.
Hij vindt het niet terecht dat deze reden wordt aangevoerd om hem de gehandicaptenparkeerplaats
op straat te weigeren. De ombudsman laat weten hierin weinig te kunnen betekenen.
De parkeermogelijkheid op eigen grond gaat namelijk altijd voor. Klager zal toch echt op zoek
moeten naar een plek in de parkeergarage. Een parkeergarage die overigens ook nog eens
met de lift te bereiken is. Klager laat echter weten dat hij de huur van de parkeerplaats niet
kan opbrengen, gelet op zijn geringe inkomen. Daarop laat de ombudsman weten dat klager
bij de dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheidsprojecten een aanvraag kan indienen voor
bijzondere bijstand om daaruit de huur te kunnen voldoen. Ondanks het feit dat klagers klacht
ongegrond is gaat hij toch tevreden naar huis.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klacht |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnormen: actieve en adequate informatieverstrekking
Van de gemeente mag worden verwacht dat men burgers zelf informeert over voor burgers
relevante financiële voordelen. Door burgers niet te wijzen op de mogelijkheid dat onder
voorwaarden een deel van de betaalde leges kan worden teruggevraagd handelt de gemeente
in strijd met het behoorlijkheidsvereiste van actieve en adequate informatieverstrekking.
|
Omschrijving:
Niet goed: geld terug
Klager schrijft de ombudsman. Al meer dan eens is hij erop gestuit dat de gemeente bij een
negatief besluit op een vergunningaanvraag burgers niet wijst op de mogelijkheid van gedeeltelijke
teruggave van leges. In zijn eigen geval heeft die teruggave intussen plaatsgevonden maar hij
vindt het jammer dat veel – onwetende – burgers hun betaalde leges als verloren beschouwen.
De ombudsman vraagt de betrokken directeur van de dienst Stedelijke Ontwikkeling om
opheldering. Waarom kan het niet automatisch worden teruggegeven, vraagt zij en waarom
worden burgers niet op de mogelijkheden gewezen.
Het duurt even voordat zij antwoord krijgt, maar het gegeven antwoord maakt veel goed.
De gemeente heeft indertijd niet gekozen voor automatische teruggave van een deel van de
leges als de vergunning niet wordt verstrekt. Er ligt vaak namelijk nogal wat tijd tussen de
legesbetaling en de weigering de vergunning af te geven. De gegevens die nodig zijn om de
leges terug te storten zijn dan niet altijd meer de juiste gegevens. Daarom moeten burgers zelf
een aanvraag indienen. Wellicht zal de gemeente deze werkwijze aanpassen als de huidige
Legesverordening wordt vervangen, zo schrijft hij. Wel zegt hij toe voortaan burgers actief op
de hoogte te stellen van de mogelijkheid tot teruggave. Er zijn immers maar weinig burgers die
de tijd nemen de tekst van een legesverordening tot zich te nemen.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a. |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: rechtszekerheid, voortvarendheid
Van de gemeente mag worden verwacht dat burgers in gelijke omstandigheden hetzelfde
worden behandeld en dat zaken ook direct rechtgezet worden op het moment dat duidelijk is,
dat er iets is misgegaan.De aanpassing van de erfpachtscanon burgers in dezelfde omstandigheden
op ongelijke wijze worden behandeld en door correcties niet tijdig aan te brengen handelt de
gemeente in strijd met de behoorlijkheidsvereisten van rechtszekerheid en voortvarendheid.
|
Omschrijving:
Kosten en baten
Na afkoop van de erfpachtcanon laat klager zijn woning met een dakopbouw vergroten.
In verband met een vermeende waardestijging wordt klager een suppletie in rekening gebracht
van € 2500,–. Suppletie is in dit verband de waardestijging van de grond waarop het huis staat
minus de investeringskosten van de dakopbouw. Klager maakt bezwaar tegen de in rekening
gebrachte suppletie maar de afhandeling laat maanden op zich wachten. Wanneer klager
verneemt dat iemand in vrijwel dezelfde omstandigheden geen suppletie hoeft te betalen
terwijl hij als klager niets van de dienst hoort, wendt hij zich uiteindelijk tot de ombudsman.
Het blijkt dat intussen duidelijk is geworden dat de gemeentelijke taxateurs zich verkeken
hebben op de investeringskosten van de dakopbouw. Ook voor klager blijkt inderdaad te
gelden dat de suppletie ten onrechte in rekening is gebracht. Zeker naar aanleiding van het
door klager zelf aangebrachte voorbeeld had ook klagers probleem met de betaalde suppletie
veel eerder opgelost kunnen worden.
|
|
| Datum: | 31-12-2009 |
| Dienst: | Dienst Stedelijke Ontwikkeling |
| Product: | |
| Uitkomst: | Gegronde klachten z.s.a |
| Behoorlijkheidsnorm: | Behoorlijkheidsnorm: voortvarendheid en motivering
Van de gemeente mag worden verwacht, dat men op basis van goede argumenten snel reageert
op problemen van een burger. Door traag te reageren op een handhavingsverzoek en hem
bovendien in een verkeerd juridisch traject te plaatsen handelt de gemeente in strijd met de
behoorlijkheidsvereisten van voortvarendheid en motivering.
|
Omschrijving:
Van Je Maintiendrai en Luctor et Emergo
Klager is een bekende bij de ombudsman. Hij had een jaar eerder een klacht ingediend over de
dienst Stedelijke Ontwikkeling. Deze klacht is door de dienst in tweede instantie en op aanwijzing
van de ombudsman afgehandeld. De klacht was echter niet geheel volgens de aanwijzingen van
de ombudsman afgehandeld, zodat er terecht nog iets te klagen overbleef. Klager had namelijk
een verzoek tot handhaving ingediend bij de dienst en in plaats van deze af te doen middels een
beschikking, zoals de Algemene wet bestuursrecht voorschrijft, was zijn verzoek in de klachten
procedure verwerkt en verworpen. Door dit zo te doen wordt aan klager de mogelijkheid
onthouden bezwaar in te dienen tegen de afwijzing van zijn handhavingsverzoek. De ombudsman
verzoekt de dienst alsnog een beschikking op te stellen naar aanleiding van het verzoek tot
handhaving van klager. Dit verzoek wordt door de dienst echter niet erg voortvarend opgepakt,
zodat er nog een half jaar overheen gaat, ondanks herhaaldelijk rappelleren bij de dienst door de
ombudsman. Uiteindelijk krijgt klager, na meer dan een half jaar wachten, zijn beschikking met
een afwijzing. Nu kan hij eindelijk bezwaar aantekenen tegen deze afwijzing.
Het was een hele worsteling om deze zaak opgelost te krijgen, maar de ombudsman en klager
komen uiteindelijk wel boven.
|
|
Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 Volgende